Geen producten in je winkelmand.

18 november 2020
normaal verdiepend
15 minuten

Buurlanden gaan anders om met stikstofprobleem

De auteurs

In buurlanden worden veel makkelijker vergunningen afgegeven voor activiteiten die leiden tot stikstofuitstoot op een nabijgelegen natuurgebied. Hoe komt dat? En is dat terecht?

De manier waarop België, Duitsland en Denemarken met de stikstofproblematiek omgaan, heeft in Nederland veel aandacht gekregen. Diverse politici suggereerden dat minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een voorbeeld moet nemen aan de stikstofaanpak in deze landen. Die zouden veel ruimere en werkbaardere richtlijnen hanteren in de vergunningverlening. In deze discussie worden de begrippen kritische depositiewaarde en grenswaarde nogal eens door elkaar gehaald. De kritische depositiewaarde is de ecologische grens waarboven het risico op effecten stijgt bij toenemende stikstofdepositie en blootstellingsduur. Over de inschatting van die waarde bestaat internationaal overeenstemming. De grenswaarde is de hoeveelheid stikstofdepositie van een activiteit waarbij nog geen vergunning nodig is. En die grenswaarde vult ieder land weer anders in voor Natura 2000, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden.

Verschillende methoden per land

In Nederland gold een grenswaarde van 1 mol stikstof (14 gram) per hectare per jaar voor een activiteit in de nabijheid van een Natura 2000-gebied. Toen de Raad van State het Programma Aanpak Stikstof (zie ook Rechter grijpt in – pas op de plaats voor stikstof) in mei 2019 ongeldig verklaarde, ging de grenswaarde vrijwel naar nul. In Duitsland is een stikstofvergunning pas nodig als door een nieuwe activiteit meer dan 7 mol stikstof (100 gram) per hectare per jaar neerslaat in een Natura 2000-gebied. Bovendien hanteren de Duitsers ook nog een foutenmarge van 20 procent. Daar staat tegenover dat er in Duitsland sprake is van een geringere overschrijding van de kritische depositiewaarde, waardoor er meer depositieruimte beschikbaar is.

 

In Duitsland is een stikstofvergunning pas nodig als door een nieuwe activiteit meer dan 100 gram per hectare per jaar neerslaat in een Natura 2000-gebied. © Alamy.com

 

Vlaanderen gebruikt weer een andere methode. Daar is een activiteit toegestaan zolang de stikstofdepositie op een nabijgelegen Natura 2000-gebied niet hoger is dan vijf procent van de kritische depositiewaarde. Het gaat hierbij alleen om de bijdrage door een veehouderijbedrijf. En dat dan alleen in natuurgebieden waar die kritische depositiewaarde al wordt overschreden. Overige stikstofemissies, zoals die van verkeer en industrie, worden via generieke emissieregelingen geregeld. In Wallonië gebruiken ze geen grenswaarden. Een adviesbureau onderzoekt of een project impact heeft op het nabijgelegen Natura 2000-gebied.

Tenslotte wordt in Denemarken de vergunningverlening voor de stikstofaanpak alleen gerelateerd aan de ammoniakuitstoot en de eisen voor het staltype. De stal moet de best beschikbare technologie in huis hebben om de uitstoot van ammoniak te reducerenDaarnaast mag de bijdrage aan de depositie maximaal 50 mol stikstof (700 gram) per hectare zijn als er geen andere bedrijven in de nabijheid zijn, 28 mol stikstof (400 gram) als er een ander bedrijf in de nabijheid is en 14 mol stikstof (200 gram) als er meerdere bedrijven in de nabijheid liggen.

De Vlaamse PAS

Overigens heeft Vlaanderen, net als Nederland tot 2019, ook een beleidsprogramma voor de aanpak van stikstof met de naam PAS (hier: Programmatische Aanpak Stikstof). De Vlaamse PAS legt echter uitsluitend beperkingen op aan veehouderijen met een grote bijdrage aan de stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-habitats. Zoals gezegd krijgt een veehouderij een vergunning voor uitbreiding als zijn stikstofdepositie lager is dan vijf procent van de kritische depositiewaarde van een nabijgelegen Natura 2000-gebied.

Als een veehouderij tussen de vijf en vijftig procent van de kritische depositiewaarde zit, krijgt die alleen een vergunning voor uitbreiding als er geen toename van de ammoniakemissie is. Boerderijen die meer dan vijftig procent van de kritische depositiewaarde bijdragen, moeten krimpen of sluiten. Boeren die hun activiteiten door deze verordening niet kunnen voortzetten of hun bedrijf niet kunnen uitbreiden, krijgen compensatie, zoals financiële steun voor bedrijfsadvies, bedrijfsverplaatsing, bedrijfsconversie of bedrijfssluiting.

Aanpassing van de grenswaarde?

De stikstofemissie per hectare land in Nederland is nog altijd het hoogst van alle EU-landen. Daardoor is de overschrijding van de kritische depositiewaarde in buurlanden veelal ook stukken minder en de urgentie van emissiereductie lager. Dat verklaart waarom in buurlanden veel ruimhartiger wordt omgegaan met vergunningverlening. In gebieden dicht bij de grens, bijvoorbeeld in Duitsland, geldt echter wel degelijk dat de depositie er vergelijkbaar is met Nederland en dat Natura 2000-gebieden er net zo onder druk staan. In Nederland heeft de Raad van State zich gebaseerd op een uitspraak van het Europees Hof. Deze uitspraak geldt voor alle Europese landen en mogelijk zullen ook andere landen hun beleid moeten bijstellen als er milieuorganisaties naar de rechter stappen.

In Nederland is nog steeds grote druk om de grenswaarde te verhogen. Zo pleitte LTO Nederland, de belangenorganisatie van de landbouw, voor herinvoering van de tot 2019 gebruikte grenswaarde van 1 mol stikstof. LTO stelt voor dit dan te combineren met een lagere stikstofuitstoot door alle betrokken sectoren en maatwerk per gebied om kwetsbare natuur te beschermen. In een recente reactie van het kabinet op het rapport Meten en berekenen van de commissie-Hordijk, wordt ook weer gesproken over de mogelijkheid om de grenswaarde te verhogen, in samenhang met een ambitieuzere aanpak van de stikstofbronnen. Gegeven de huidige wetgeving is dit echter niet mogelijk, zolang de natuurgebieden in ons land nog steeds sterk overbelast zijn door stikstof. En dat maakt de situatie toch anders dan in buurlanden.

Over de auteurs

Prof. dr. Wim de Vries
Hoogleraar Milieusysteemanalyse bij de WUR
Dr. Hans Kros
Senior wetenschappelijk onderzoeker aan de WUR
©Istock
Thema's

Thema's

Bekijk ook eens onze thema’s met een overzicht van de cahiers, artikelen en lesmaterialen die hierop aansluiten.

Nooit meer iets missen?

Wil je altijd op de hoogte blijven van nieuwe cahiers, dossiers en lesmaterialen? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief. Wij sturen je maandelijks een overzicht van alle nieuwe content.

Schrijf je in