De ontdekking van de geslachtshormonen oestrogeen en progesteron in de jaren 1930-1940, betekende een historische doorbraak in de geneeskunde. Zonder kennis over deze stoffen was de ontwikkeling van de anticonceptiepil ondenkbaar geweest. Ook oestrogeentherapie voor vrouwen in de overgang kwam toen al in beeld. De afgelopen decennia is de therapie verder doorontwikkeld en biedt het verlichting voor velen.
Hormoonsuppletietherapie (HST) helpt bij ernstige en/of hinderlijke overgangsklachten, omdat het estradiol bevat. Dat is de variant van oestrogeen die sterk afneemt tijdens de overgang. De therapie vermindert opvliegers en kan onder andere de stemming verbeteren en gewrichtspijn tegengaan, mits deze klachten hormoongevoelig zijn. Ook beperkt het de gevolgen van de overgang op de langere termijn. Dat is met name van belang bij de vervroegde overgang.
Bij HST worden geslachtshormonen aangevuld die minder of niet meer worden aangemaakt. De behandeling start meestal met een lage dosis, zodat het lichaam rustig kan wennen. Omdat ieder lichaam anders reageert, is het soms zoeken naar de juiste dosering of toedieningsvorm van HST. Het duurt soms enkele weken tot maanden voordat het gewenste resultaat wordt bereikt.
Estradiol kan oraal (via de mond, met een tablet) of transdermaal (via de huid, met een pleister, gel of spray) worden gebruikt. In HST wordt estradiol gecombineerd met progesteron of een progestageen (een stof met dezelfde werking als progesteron). Dat is noodzakelijk omdat estradiol op zichzelf leidt tot groei van het baarmoederslijmvlies, onregelmatig bloedverlies en bij langdurig gebruik het risico op baarmoederkanker verhoogt. Progesteron beschermt het baarmoederslijmvlies hiertegen. Als de baarmoeder is verwijderd, is progesteron niet nodig.
In combinatie met estradiol kan progesteron cyclisch worden gebruikt (twaalf tot veertien dagen per maand), waarbij vaginaal bloedverlies optreedt dat vergelijkbaar is met een lichte menstruatie. Postmenopauzale vrouwen nemen progesteron continu (dagelijks). Dit geeft meestal een bloedingsvrije behandeling.
Hoelang de behandeling duurt, hangt af van de leeftijd, de klachten en de risico’s. In het algemeen geldt, wanneer er geen sprake is van vervroegde menopauze, wordt vijf jaar HST als veilig beschouwd. Het is goed om op een vast moment te bekijken of doorgaan met HST nog nodig is.
De huid als barrière
De hoeveelheid estradiol die via de huid wordt opgenomen, verschilt sterk per individu. Zelfs als vrouwen precies dezelfde pleister, gel of spray gebruiken, kan de estradiolspiegel wel tien keer hoger zijn bij de ene vrouw dan bij de andere. Eén op de vier vrouwen heeft zelfs bij de hoogste dosis nog lage estradiolspiegels. Het meten van bloedwaarden is meestal niet nodig. Het effect op de overgangsklachten en de ervaringen van de gebruiker zijn het belangrijkst.
Testosteron
Sommige vrouwen hebben interesse in testosteron als onderdeel van de behandeling bij seksueel functioneren. Omdat er te weinig bekend is over de werkzaamheid en veiligheid van testosteron bij vrouwen is deze therapie echter niet goedgekeurd voor vrouwen. Tijdens de overgang daalt testosteron nauwelijks of niet en is aanvullen niet nodig. Bij vrouwen die in de overgang komen vanwege bijvoorbeeld een operatie of chemotherapie is testosteron soms wel verlaagd. Als andere oorzaken van seksuele problematiek zijn uitgesloten, is suppletie in dat geval mogelijk effectief.
Bio-identiek?
De marketingterm ‘bio-identiek’ is komen overwaaien uit de Verenigde Staten en is populair op sociale media. De indruk wordt gewekt dat bio-identieke hormonen ‘natuurlijker’ zijn dan synthetische hormonen. Dat klopt niet. Beide soorten stoffen worden in het lab gemaakt. Bio-identiek betekent alleen dat de gebruikte stof moleculair identiek is aan het lichaamseigen hormoon, maar dat maakt het niet altijd de meest effectieve of veilige optie.
Estradiol in HST is al tientallen jaren bio-identiek. Er is wetenschappelijk aangetoond dat stoffen die de werking van estradiol nabootsen, maar een andere chemische structuur hebben, meer risico’s geven bij HST. Meestal is progesteron ook bio-identiek, maar soms gaat de voorkeur uit naar een progestageen, bijvoorbeeld wanneer iemand bio-identiek progesteron niet goed verdraagt.
HST kent risico’s
In het begin van de behandeling kan HST bijwerkingen geven, zoals vaginaal bloedverlies, buikpijn, misselijkheid, vocht vasthouden, gevoelige borsten of hoofdpijn. Daarnaast kan HST gepaard gaan met een verhoogd risico op borstkanker, baarmoederkanker (bij onvoldoende progesteron/progestageen), trombose en hart- en vaatziekten.
Dit artikel komt uit het boek De overgang – een nieuwe fase. Pre-order het boek nu via de webshop!