Waar worden genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) voor gebruikt? - Biowetenschappen & Maatschappij

Geen producten in je winkelmand.

09 september 2021
verdiepend
10 minuten

Waar worden genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) voor gebruikt?

De auteurs

In Europa kun je niet zomaar een ggo (genetisch gemodificieerd organisme) maken. Dit is aan strenge regels gebonden. Toch zijn ggo’s niet meer uit onze maatschappij weg te denken. Ggo’s worden niet alleen gebruikt in het laboratorium voor wetenschappelijk onderzoek, maar ook bijvoorbeeld in ons voedsel en in veevoer.

Voor biomedisch onderzoek maken wetenschappers veel gebruik van ggo’s, vooral van muizen. Een deel van de onderzoek is heel fundamenteel: het helpt om erachter te komen welke functies genen hebben. Muizen hebben namelijk veel genen gemeen met mensen. Ook planten ze zich razendsnel voort en krijgen veel nakomelingen, waardoor onderzoek met muizen minder tijd kost dan met andere dieren.

Wat doet een gen precies?

Om te onderzoeken wat een gen precies doet, gebruiken onderzoekers transgene  muizen, wat betekent dat ze genetisch aangepast zijn. Hiervoor halen ze een bepaald gen weg (knock-out muis) en kijken vervolgens welke gevolgen dat heeft voor het dier en zijn nakomelingen. Dankzij dit onderzoek zijn de functies van de meeste (muis-)genen bekend.

Kan je een gen zien?

In wetenschappelijk onderzoek worden ook veel muismodellen gebruikt waarbij een extra gen in het DNA is ingebracht. Als de muis dan bepaalde eiwitten aanmaakt, krijgen die eiwitten een fluorescerende kleur. Het gen hiervoor is afkomstig van een kwal. Sommige kwallen hebben namelijk van nature een gen voor een groen, rood of blauw fluorescerend eiwit. Die kleurgenen zijn slim te combineren met een bepaald gen dat je wilt onderzoeken. Soms wordt het gen zelfs helemaal vervangen door het kleurgen (knock-in muis). Aan licht dat wordt afgegeven, is precies te zien wanneer dat bepaalde gen actief is, hoe actief het is en in welk orgaan of weefsel dat gebeurt.

Nieuwe behandelingen

Tenslotte worden muizen als ggo’s ook vaak ingezet voor onderzoek naar ziektes bij de mens. Dan veranderen onderzoekers een bepaald gen of brengen een nieuw gen in dat bij die muis leidt tot diabetes, dementie of kanker. Is de ziekte goed na te bootsen in de muis, dan kan dit muismodel worden gebruikt voor onderzoek naar behandelingen of het voorkomen van de ziekte.  Hoewel genetisch gemodificeerde muizen als ziektemodel nog steeds belangrijk zijn, komen er steeds meer alternatieven, zoals menselijke stamcellen en gekweekte mini-organen.

Ggo’s in de maatschappij

Al sinds de opkomst van de landbouw wordt er door de mens gebruik gemaakt van teelt- en foktechnieken om bepaalde eigenschappen aan te passen van planten en dieren in onze voedselketen. Ook andere producten zoals katoen voor de textielindustrie worden op deze manier verbeterd. Deze erfelijke aanpassingen maken gewassen meer bestand tegen bijvoorbeeld droogte. Of er worden rassen geteeld en gefokt die lekkerder of groter zijn, en sneller groeien. Deze selectietechniek door kruising is nog steeds erg belangrijk om te zorgen voor een snelle (voedsel)productie voor onze almaar groeiende wereldbevolking. Maar tegenwoordig met de opkomst van genetische modificatie en ggo’s verandert dit. Eigenschappen van planten en dieren die we eten, zijn nu nog directer, sneller en doeltreffender aan te passen. Denk bijvoorbeeld aan het toevoegen van een kenmerk waardoor een plant of dier minder snel ziek wordt, waardoor minder bestrijdingsmiddelen en antibiotica nodig zijn.

Op je bord

In Europa heeft de European Food Safety Authority strikte regels gesteld voor het produceren, gebruiken, importeren en het loslaten in de natuur van ggo’s vanwege veiligheidsrisico’s voor mens en milieu. Maar dit is niet overal ter wereld het geval. Sterker nog, verschillende landen hebben wisselende regelgeving voor de teelt/fok en het commercieel gebruik van ggo’s. Daardoor zijn ggo’s in onze maatschappij wel degelijk veelvuldig aanwezig.

Belangrijke ggo’s landbouwgewassen zijn mais, soja en suikerbiet. Deze gewassen worden niet in Europa geteeld, maar wel gebruikt als veevoeding. Bij het eten van bijvoorbeeld kippen- of varkensvlees is het dus niet direct duidelijk of dat dier genetisch gemodificeerd voedsel heeft gegeten. Ook kunnen ggo’s aanwezig zijn in geïmporteerd en verwerkt voedsel wat we gewoon in de supermarkt kunnen kopen. In Europa moet wel vermeld worden op het etiket als het percentage ggo’s in voedsel boven een bepaald niveau is. Met een groeiende wereldpopulatie en de klimaatverandering valt te verwachten dat ggo’s een steeds belangrijkere rol gaan spelen in onze maatschappij.

Mirte Bosse
Onderzoeker fokkerij en genetica aan Wageningen Universiteit
Pauline van Schayck
Wetenschapsjournalist en eindredacteur
Susana Chuva de Sousa Lopes
Hoogleraar Ontwikkelingsbiologie van de mens aan het LUMC
Thema's

Thema's

Bekijk ook eens onze thema’s, met een overzicht van cahiers, dossiers en lesmaterialen die hierop aansluiten.

Abonnement

Mis nooit meer een cahier

Met een jaarabonnement mis je niets meer! Wil je altijd op de hoogte blijven van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van de biowetenschappen? Neem dan een abonnement! Hiermee ontvang je een korting van 40% ten opzichte van de cahierprijs in de webwinkel. Daarnaast betaal je geen verzendkosten bij een abonnement. Het abonnement gaat in per 1 januari van het nieuwe kalenderjaar. Je kunt te allen tijde opzeggen, waarna je alleen nog de cahiers ontvangt die je hebt betaald.

Jaarabonnement
Vier keer per jaar krijg je onze boekjes automatisch thuisgestuurd. Zo bespaar je flink op de losse verkoopprijs en blijf je altijd op de hoogte.
Bekijk abonnement

Nooit meer iets missen?

Wil je altijd op de hoogte blijven van nieuwe boeken, dossiers en lesmaterialen? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief. Wij sturen je maandelijks een overzicht van alle nieuwe content.

Schrijf je in