Wat bepaalt het verspreidingsgebied van een plant? - Biowetenschappen & Maatschappij

Geen producten in de winkelwagen.

Duinviooltje
13 mei 2026
normaal verdiepend

Wat bepaalt het verspreidingsgebied van een plant?

De auteurs

Migratie bij planten

Door prof. dr. Roy Erkens, hoogleraar Evolutionaire Diversiteit en Biogeografie bij het departement System Earth Science van de Universiteit Maastricht

Planten komen over het algemeen in een beperkt gebied voor. Sommige planten verspreiden zich over een heel groot areaal, andere beperken zich tot een geïsoleerd gebied, zoals een enkel eiland. Over het algemeen is het spectrum van de omstandighe­den waaronder een soort zou kunnen leven groter dan het spec­trum waaronder een soort daadwerkelijk leeft. Dit komt door abiotische factoren van een gebied – licht, temperatuur, voch­tigheid – en de biotische factoren, de andere organismen die er leven.

Meestal bepalen ongunstige omstandigheden de grenzen van een verspreidingsgebied. Zo kunnen landorganismen niet in zee leven. Op het land zelf (of in de zee) wordt het verspreidingsgebied beperkt door de omgevingsfactoren van dat ge­bied zoals de temperatuur, de hoeveelheid beschikbaar water of de hoeveelheid geschikt voedsel. Maar zelfs als een bepaald gebied de juiste omstandigheden heeft, is het nog niet zeker dat een soort daar voorkomt. Alle soorten zijn namelijk beperkt in hun verspreidingsmogelijkheden. Niet ieder individu kan zo­maar naar elke andere plek migreren. Zo kwamen verschillende soorten regenwormen van nature niet voor in Noord-Amerika, hoewel de omgeving daar prima geschikt voor was. De Atlantische Oceaan was een effectieve barrière, totdat mensen in de achttiende eeuw de wormen meenamen in de potaarde van planten.

Competitie
Een andere beperkende factor is competitie. De ene soort kan de andere soort effectief buiten een bepaald gebied hou­den. Daar waar bijvoorbeeld een volwassen bos staat, kunnen nieuwe planten zich minder makkelijk vestigen, omdat er al bo­men staan. De mens beperkt het verspreidingsgebied van veel soorten door te snoeien, maaien en branden. Door het kort fre­quent maaien van een grasmat krijgen bijvoorbeeld madeliefjes geen kans om uit te groeien. Tot slot beïnvloeden herbivoren zoals rupsen, konijnen, herten, paarden of runderen recht­streeks de grootte van de plantenpopulaties.

Duinviooltje

Het duinviooltje komt alleen in duingebieden langs de kust voor en niet in rivier­duinen (© Ed Stikvoort/Saxifraga).

Verspreidingsgebied
De combinatie van geschikte omgeving, verspreidingsmoge­lijkheden, competitie en de aan- of afwezigheid van herbivoren bepalen dus het uiteindelijke verspreidingsgebied van een soort. Van alle soorten die wereldwijd of in Europa voorkomen, komt daarom maar een klein deel in Nederland voor. In een be­paalde regio bestaat de biodiversiteit dan weer uit een selectie van alle soorten die in Nederland voorkomen. Zo komen de duinviool en duindoorn vrijwel alleen in de duingebieden langs de kust voor en groeien niet in rivierduinen. Parnassia, daaren­tegen, komt zowel in kustduinen als in rivierduinen voor.

Opschuiven
Omdat de klimatologische omstandigheden door de tijd heen niet stabiel zijn, veranderen ook verspreidingsgebieden. Als het warmer wordt zullen warmtetolerante soorten kunnen uitbrei­den en koudeminnende soorten hun verspreidingsgebied in­krimpen. Als het kouder wordt, gebeurt het omgekeerde. Ver­spreidingsgebieden kunnen ook opschuiven met de gunstige le­vensomstandigheden en lokaal heeft dit het verdwijnen van be­paalde soorten tot gevolg. We zien al dat koudeminnende soor­ten naar hogere breedtegraden verhuizen of hoger gelegen ge­bieden koloniseren. Als dit opschuiven niet mogelijk is (de top van de berg is bijvoorbeeld bereikt), zullen soorten – al dan niet lokaal – uitsterven.

Samenspel
Plantenwetenschappers bestuderen momenteel hoe de hui­dige verspreiding van biodiversiteit over de aarde tot stand is gekomen en waarom bepaalde gebieden op aarde veel soorten­rijker zijn dan anderen. Het is duidelijk dat een mix van factoren in het verleden – de evolutionaire geschiedenis van soorten en het geologisch verleden van een gebied – en het heden hierbij een belangrijke rol spelen. De vegetatie rond de stuwwal bij Mook is bijvoorbeeld gevormd door de aanpassing van de vege­tatie aan veranderende omstandigheden sinds de koude en droge omstandigheden van de laatste ijstijd. Het reliëf en de zandige en lössbodems uit die periode legden de basis voor de latere vestiging van bossen, heiden en graslanden. Factoren uit het heden, zoals bodemvocht, menselijke invloed en klimaat, sturen nu de verdere verspreiding en samenstelling van de vegetatie. Zo is het huidige landschap een samenspel van evolu­tionaire, geologische en actuele ecologische processen.

Benieuwd naar meer oorzaken van plantenmigratie? Lees verder in het boek Migratie of in het online dossier.

Over de auteurs

Prof. dr. Roy Erkens
Prof. dr. Roy Erkens is hoogleraar Evolutionaire Diversiteit en Biogeo¬grafie bij het departement System Earth Science van de Universiteit Maastricht en bestuurslid bij Stichting Biowetenschappen en Maat¬schappij.

Migratie

Lees meer over
Uitgelicht
18 mei 2026
Migratie
Migratie is een normaal biologisch verschijnsel en zo oud als het leven zelf. Vanaf het moment dat de eerste organismen ontstonden, zijn soorten aan de wandel gegaan: van planten die als eerste een nieuw gebied koloniseren, tot dieren die continenten doorkruisen en mensen die om allerlei redenen op zoek gaan naar nieuwe leefomgevingen.
Auteurs
Prof. dr. Roy Erkens
Dr. Jannes van Everdingen
en meer
Boek
Artikel
Waarom migreren vrijwel alle diersoorten?
Insecten, vissen, vogels en zoogdieren, inclusief mensen, migreren. Het is een manier om ongunstige leefomstandigheden – droogte, kou, gebrek aan voedsel – te mijden. In de loop van de evolutie is migratie bij veel diersoorten een vast onderdeel geworden van hun levenswijze.
Lees het artikel
Artikel
Hoe verliep de menselijke migratie in de prehistorie?
De mens is altijd al een migrerende zoogdiersoort geweest; eigenlijk is de naam Homo migrans toepasselijker dan Homo sapiens of Homo erectus.
Lees het artikel
Artikel
De klimaatvluchteling of klimaatmigrant?
Dat klimaatverandering grote gevolgen heeft voor de mens behoeft nauwelijks toelichting. Maar de relatie tussen klimaatverandering en migratie is verre van eenduidig.
Lees het artikel
Artikel
Waarom is migratie van alle tijden en niet uniek voor de mens?
Migratie is van alle tijden en ook zeker niet uniek voor de mens. Het boek Migratie laat zien dat migratie iets natuurlijks is. Net als bij dier en plant, verplaatst de mens zich, en heeft de ontwikkeling van de mensheid ook veel te danken aan die verplaatsing.
Lees het artikel