Door prof. dr. Peter Scholten, hoogleraar Migratie en Diversiteit aan de Erasmus Universiteit en de Universiteit Leiden en dr. Jannes van Everdingen, dermatoloog, niet-praktiserend
Migratie is van alle tijden en ook zeker niet uniek voor de mens. Dit boek laat zien dat migratie iets natuurlijks is. Net als bij dier en plant, verplaatst de mens zich, en heeft de ontwikkeling van de mensheid ook veel te danken aan die verplaatsing. Culturen komen met elkaar in contact, gaan economische relaties en samenwerkingen aan en wisselen technologieën uit. Diverse bijdragen in het boek Migratie laten heel treffend zien hoe functioneel migratie is voor plant en dier. En dat is voor de mens niet wezenlijk anders.
Dat roept de vraag op waarom menselijke migratie zo wordt geproblematiseerd. Migratie heeft zich ontwikkeld tot een van de belangrijkste politieke kwesties van deze tijd. Het onderwerp beheerst de politieke agenda al decennia en speelt ook in de media en aan vele huiskamertafels een dominante rol. Niet alleen de migratie zelf wordt daarbij veelal als probleem gezien, ook andere problemen worden op naam van migratie geschreven. Zo zouden culturele veranderingen te wijten zijn aan migratie, zou de huizencrisis komen door asielzoekers en zouden migranten de veiligheid bedreigen. Er lijkt sprake van een obsessie met het onderwerp waarbij menselijke migratie vooral als een onnatuurlijke en bijzondere ontwikkeling wordt neergezet die de functionaliteit van natiestaten, heldere culturele en etnische identiteiten en economische eenheden zou doorbreken.
Regulering
De obsessie met menselijke migratie en de wens om die te reguleren lijkt zelfs implicaties te hebben voor de migratie van plant en dier. Zoals er regels zijn voor menselijk verkeer, zijn er ook regels voor de import en export van planten en dieren. Dat betreft voornamelijk het risico op het meebrengen van ziekteverwekkende microben. Veel landen kennen een strikte regulering van de import van bijvoorbeeld groente en fruit, gekweekte planten, vlees en zuivelproducten of levende dieren. Dat reguleren gaat gemakkelijker bij eilanden zoals Groot-Brittannië of geïsoleerde continenten zoals Australië dan op het Europese continent. Migrerende dieren en planten zijn al helemaal moeilijk te reguleren. Wilde vogels brengen vogelgriep mee, rondtrekkende zwijnen de Afrikaanse varkenspest. De migratie van ziektekiemen wordt pas zichtbaar als het misgaat.
Emotie
Emotie is een belangrijke factor achter de obsessie met menselijke migratie. Wie zijn wij, wie ben ik, wie is de ander? Bij wie wil ik horen en bij wie niet? Sommige mensen zien migratie niet als een probleem, maar als een gegeven of een recht, anderen zien het als een bedreiging en weer anderen zien het als een kans. Het boek Migratie maakt duidelijk dat voor al deze standpunten argumenten zijn aan te dragen. Daarbij is er vaak sprake van paradoxen. Zo zijn rijke landen, Nederland incluis, vaak gevestigd op een lange geschiedenis van migratie naar andere landen, die ze koloniseerden. Nu verhuizen de bewoners van die landen naar Europa: Surinamers naar Nederland, Pakistanen naar Engeland. Momenteel nemen de Europese landen het voortouw in de regulering van migratie om ‘gewenste’ van ‘ongewenste’ migratie te scheiden en de welvaart voor de eigen natie te behouden.

Achterblijvers zwaaien familie en bekenden uit.
Vermoedelijk vertrok het passagiersschip in 1959 vanuit Rotterdam naar Halifax in Canada (G.A. van der Chijs, Spaarnestad Photo).
Valse start
Een andere paradox betreft de trend dat landen die sterk focussen op migratieregulering tegelijkertijd de instrumenten voor dergelijke regulering ondermijnen. In Nederland bijvoorbeeld zijn de mogelijkheden om mensen op te vangen de afgelopen tien jaar fors uitgekleed. Op de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) is fors bezuinigd en er zijn structureel te weinig (gespreide) opvangplaatsen. Dat leidt tot ongewenste ophoping en overlast van mensen die bij elkaar zitten te wachten op uitsluitsel over hun verblijf. Dit zorgt voor een valse start van de integratie van nieuwkomers.
Krapte en ongelijkheid
Het feit blijft dat we met steeds meer mensen op aarde zitten, met name in gebieden die relatief vruchtbaar, welvarend en veilig zijn, ook in Nederland. Dat zorgt voor krapte in voorzieningen en ruimte, en voor ongelijkheid tussen arm en rijk. De meeste migratiestromen lopen van arme landen richting rijke landen, van bedreigde mensen richting veilige landen: in 2023 kwamen er volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek ruim 335.000 mensen naar Nederland en vertrokken er 198.000, een positief saldo van 137.000. Slechts 14 procent van de instromers was asielzoeker; de rest kwam voor werk, studie of gezin.
Relatief stabiel
Opvallend is dat deze patronen en de schaal van menselijke migratie relatief stabiel zijn, ook in de geschiedenis. Het percentage grensoverschrijdende migratie blijft tussen de 3 en 4 procent van de totale wereldbevolking schommelen. Dit roept de vraag op waarom zo weinig mensen migreren, terwijl er zoveel aanleiding lijkt te zijn tot migratie en er zoveel aanwijzingen zijn voor het functionele belang van migratie voor de mensheid. Wellicht is dit een natuurlijk percentage van menselijke migratie, dat onaantastbaar is gebleken voor regulering.
Migratieobsessie
Migratie is een onderdeel geworden van onze internationaal georiënteerde economie, van onze cultuur, van onze instituties op terreinen als onderwijs, arbeid en huisvesting. Nederland is daarmee niet alleen een immigratieland, maar een migratiesamenleving geworden. Mede gevoed door het politieke debat gaat die transformatie gepaard met toenemende polarisatie en xenofobie. Het migratiedebat is een splijtzwam geworden in onze samenleving. De onenigheid binnen de opeenvolgende kabinetten over een strenger asielbeleid, zoals de spreidingswet, zorgde voor grote spanningen en uiteindelijk tot de val van twee kabinetten: het kabinet-Rutte IV en het kabinet-Schoof. Dat laat zien hoe migratie is overgepolitiseerd. Je kunt dat de migratieobsessie noemen: een obsessie die het land in haar greep houdt, die alles wat al dan niet misgaat in Nederland in verband brengt met migratie. De problemen zoals overvolle asielzoekerscentra zijn er wel degelijk, maar het is de vraag of dat aan de asielzoekers ligt of aan een slecht woningbeleid van de overheid. Daarmee is deze obsessie een product van een maatschappelijke dynamiek die te maken heeft met onze taal, met hoe onze instituties – politiek, bestuur, media, wetenschap – functioneren, en met een toenemende ongelijkheid in de samenleving.
Tegenwoordig zien veel Europeanen migratie en gebrek aan integratie als een van de belangrijkste problemen van deze tijd. De meerderheid, met name de mensen zonder migratieachtergrond, staat minder positief tegenover diversiteit. De meesten vinden weliswaar dat er ruimte moet zijn voor ‘echte’ vluchtelingen, maar tegelijkertijd stellen zij dat dit bij asielmigranten niet het geval is. Zij spreken van ‘gelukszoekers’, ‘onechte vluchtelingen’, maar die vormen slechts 4 procent van het totale aantal asielzoekers.
Rebranding Migration
De migratieobsessie is niet onomkeerbaar. We kunnen wel degelijk een hoop doen om Nederland en de rest van Europa op een verantwoorde manier met migratie om te laten gaan. Maar dat vergt wel een collectieve inspanning van alle maatschappelijke instituties en betrokkenen, niet alleen politici, maar ook bestuurders, media en wetenschappers. Dat vergt een taal die de problematiek niet bagatelliseert, maar die een reëel perspectief biedt, die een samenleving schept waarin immigranten de kans krijgen te integreren en een economie die rekening houdt met een migratiesamenleving. Die samenleving zal steeds diverser worden en de veranderingen die daarbij horen gaan gepaard met wrijving. Dat gegeven zal op sommige plekken bij sommige mensen problemen geven, maar het biedt ook kansen. Het televisieprogramma Tegenlicht van de VPRO keek in 2023 in het programma Rebranding Migration een maand lang met een andere bril naar migratie: de migrant als gelukszaaier in plaats van gelukszoeker, de samenleving als smeltkroes, met bontgekleurde grote steden waarin minderheden de meerderheid vormen. Een samenleving waarin democratie en gelijkheid onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden, waarin we oog hebben voor elkaar, en ook voor plant en dier. Dit zou veel meer recht doen aan migratie als natuurlijk fenomeen in plaats van als uitzondering en object van een collectieve obsessie.
Een blijvertje
De mens, kortom, is een migrerende zoogdiersoort. Net zoals de gierzwaluw en de ooievaar grenzen overschrijden, doet de mens dat. Net zoals planten en dieren hun leefgebied langzaam verschuiven, doet de mens dat. We zullen moeten wennen aan de aanwezigheid van de wolf, de halsbandparkiet, de muskusrat, de Amerikaanse eik en de Japanse duizendknoop. En net als deze soorten is ook de menselijke migrant een blijvertje.
Wil je meer weten? Lees over planten, dieren en mensen die migreren in het boek Migratie of in het online dossier.